OpenAI wist dat krantengebruik kranten kan vernietigen
Interne documenten tonen aan dat OpenAI besefte dat het trainen van AI op miljoenen auteursrechtelijk beschermde krantenartikelen een bedreiging vormt voor de journalistiek. Het bedrijf ging toch door.
OpenAI, het bedrijf achter ChatGPT, heeft iets moeilijks toegegeven: het gebruik van miljoenen auteursrechtelijk beschermde krantenartikelen om kunstmatige intelligentie (AI) mee te trainen — de technologie achter de populaire chatbot — kan het voortbestaan van krantenbedrijven bedreigen.
Om te begrijpen waarom dit belangrijk is, moet je weten hoe deze AI-systemen werken. ChatGPT en vergelijkbare tools leren door gigantische hoeveelheden tekst van het internet te analyseren. Kranten en journalisten hebben decennia lang betrouwbare artikelen geschreven die OpenAI gratis gebruikte om beter te worden. Maar als lezers ChatGPT gebruiken voor nieuwssamenvattingen in plaats van naar nieuwssites te gaan, verliezen kranten lezers — en het geld van adverteerders dat hen in leven houdt.
Volgens verslagen erkenden OpenAI's eigen teams intern dat dit een "existentiële bedreiging" voor uitgeverijen vormt. Toch bleef het bedrijf deze artikelen gebruiken. Dit toont een groeiend probleem in AI: betere AI bouwen betekent vaak gratis gebruik van content van mensen en organisaties die geen geld krijgen en niet toestemming geven. Kranten gaan nu tegenstand bieden en sommigen spanden rechtszaken aan om betaald te worden of te eisen dat OpenAI hun werk niet meer gebruikt.
De situatie werpt fundamentele vragen op: Moeten bedrijven die winst maken met AI de journalisten en uitgeverijen betalen wier werk hun systemen trainde? En kan de nieuwsindustrie overleven als AI-bedrijven gratis verslaggeving kunnen gebruiken zonder vergoeding? Dit zijn niet alleen technische problemen — het gaat over de vraag of onderzoeksjournalistiek, die veel geld kost, kan blijven bestaan.
Originele bron: NRC
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/09/18111905/180926ECO_2036795970_NYT.jpg)